Pedagogisch project

Het gemeenschapsonderwijs en zijn pedagogisch project

Kinderen optimale ontwikkelingskansen bieden en ze begeleiden zodat zij kunnen opgroeien tot gelukkige, positief denkende en kritische jongeren kan niet zonder een duidelijke onderwijsvisie én strategie.

De grote principes van de onderwijsvisie en strategie zijn vastgelegd in het pedagogisch project van het GO! Onderwijs van de Vlaamse gemeenschap (PPGO)

De integrale tekst ervan is terug te vinden op www.g-o.be

Het GO! streeft naar de totale ontwikkeling van kinderen tot vrije, mondige, kritische en creatieve mensen.

Het GO! onderscheidt zich van alle andere onderwijsnetten door zijn uitdrukkelijk neutraal en pluralistisch karakter.

Dit wordt vertaald in een 7-tal doelstellingen die ook door onze school worden nagestreefd.

  • een fundamenteel zelfvertrouwen hebben, dat steunt op authenticiteit en integriteit;
  • een open geest hebben, zonder vooroordelen, met belangstelling en respect voor ieders mening;
  • mondig zijn, zodat ze hun ideeën helder en juist kunnen vertolken;
  • bereid zijn tot levenslang en levensbreed leren;
  • getuigen van intellectuele, emotionele, esthetische en ethische bewogenheid;
  • zich betrokken weten bij de sociale werkelijkheid en de maatschappelijke ongelijkheden: opkomen voor de eerbiediging van de Rechten van de Mens en zijn fundamentele vrijheden, voor sociale rechtvaardigheid en voor democratische instellingen;
  • de gelijkwaardigheid van mensen en de emancipatie van elk individu niet enkel als principe huldigen, maar zich ook inspannen om ze te verwezenlijken.

Onze visie op het pedagogisch project van het Gemeenschapsonderwijs

1. Fundamenteel vertrouwen hebben in zichzelf en met openheid anderen kunnen benaderen, met erkenning van hun eigenheid

  • Opbouwen van een positief zelfbeeld:
    • succeservaringen beleven – dit geeft je niet alleen een goede cognitieve basis, je voelt je er ook goed bij en dat motiveert
    • onderwijs op maat met voldoende uitdaging en extraatjes – breed zorgbeleid voor wie meer herhaling nodig heeft maar ook projectwerk voor wie meer uitdaging aankan
    • waardering krijgen van medeleerlingen en leerkrachten
  • Creëren van een open, vertrouwelijke klassfeer/schoolsfeer:
    • we openen haast elke klasdag met een kringgesprek waar de leerlingen met respect voor mekaar luisteren en hun ervaringen delen
    • De leerlingen werken in eerder kleine klasgroepen. Ze voelen zich vlug thuis bij elkaar en de leerkrachten.
    • Positieve houding van de leerkracht t.o.v. de leerling; altijd het stapje verder verwachten, positief bekrachtigen
    • Coöperatief leren
  • De leerlingen leren omgaan met jongere/oudere medeleerlingen.
    • Klasdoorbrekend werk bij projecten;
    • Peertutoring – leren van leeftijdgenoten (bv project sterrenkinderen)
    • Op Schelde-, bos- en zeeklassen met alle leerlingen van de bovenbouw
  • Versterken van de banden tussen school en thuis:
    • kleuterafdeling -> heen en weerschriftje
    • lagere afdeling -> klasagenda als communicatiemiddel
    • veel formele maar ook informele contacten
    • werken met ouders: leesmoeders, ouders die komen vertellen over hun beroep, hobby, ...
    • oudercomité: samengesteld uit ouders en leerkrachten
    • schoolraad: ouders en leerkrachten

2. Een open geest hebben, zonder vooroordelen, met belangstelling en respect voor ieders mening

  • Geen vooroordelen:
    • elk kind is welkom op school. Wij zijn ieders vriendje of vriendinnetje. Iedereen gelijk.
    • Actief pluralisme: ons personeel is neutraal en zal geen levensbeschouwelijke kentekens dragen.
  • Wij hebben aandacht voor andere mensen:
    • voor klasgenoten;
    • voor leerlingen uit lagere of hogere klassen;
    • voor kinderen met een andere huidskleur, afkomst.
  • Wij werken projecten uit over andere landen (mondiale vorming)
    • inleefatelier Congo (studio Globo)
    • project Afrika ( muzieklabyrint)
    • project Bolivië (muzieklabyrint)
    • project Indonesië (muzieklabyrint)
    • “We zingen een dak op de wereld” (Children of the street)
    • project “mobiele school”
  • Wij zijn hoofdwinnaar van de pesten-dat-kan-niet-prijs! – Het pestbeleid op onze school is zeer uitgebreid en steunt op inspraak, preventieve maatregelen, en een geëngageerd leerkrachtenteam dat altijd zal reageren op pesters.
  • Naast de familiale sfeer heerst er op school een gezonde lucht, waarbij de kinderen een eigen inbreng hebben, bv. klasreglement, reglement voetbalcompetitie, eerlijk verdelen van de speelplaats in sport- en speelhoeken. De leerlingen houden rekening met elkaar.

3. Mondig zijn, zodat men zijn ideeën voor de medemens helder en juist kan vertolken

  • Kringgesprekken:
    • Een open sfeer creëren zodat de leerlingen zich durven uiten, een eigen mening geven, de mening van andere leerlingen soms in vraag durven stellen.
  • Zich leren uitdrukken:
    • spreekbeurten geven in de klas;
    • interviews afnemen
    • een project voorstellen in andere klassen.
  • Spreekdurf:
    • drama in de 2de graad;
    • toneelopvoering in de 3de graad;
    • tijdens de boekenweek eigen verhaal of gedicht voorlezen;
    • poppenkast spelen voor andere klassen;
    • Verslag van een didactische uitstap maken en voorlezen.
    • de klas vertegenwoordigen bij een gesprek met de leerkracht of directie;
    • Bij een conflictsituatie krijgt elk kind het recht om "zijn"/"haar" visie te verwoorden.
    • de school vertegenwoordigen in de kinderraad;
    • hulp vragen in de klas;
    • iets uitleggen aan een andere leerling.
  • Optreden voor een publiek:
    • grootouderfeest
    • ouderfeest
    • schoolfeest
    • carnavalfeest
  • Deelnemen aan de leerlingenraad
  • Onze school vertegenwoordiging in kinderraad van Mechelen

4. Intellectueel nieuwsgierig blijven, met een levenslange zin voor studie en vorming.

Kinderen zijn van nature nieuwsgierig en leergierig. Wij willen deze intellectuele nieuwsgierigheid stimuleren en reiken middelen en vaardigheden aan voor een vol en boeiend leven.

  • Voor het ontwikkelen van de cognitieve vorming maken we gebruik van het aanbrengen en aanleren van leerattitudes en werkmethodes.
  • We creëren een uitdagende leer- en leefomgeving in de klas; zorgen voor een fijne klasinrichting met uitdagende materialen
  • Gebruik ICT: leerlingen aanzetten tot zelfstandig opzoekingswerk op het internet
  • ALLE lagere klassen hebben een smartboard, zo worden lessen extra boeiend
  • Elk kind moet aangesproken worden op zijn kunnen – soms moet de drempel verlaagd worden, soms is een kind toe aan wat meer uitdaging en extraatjes. Wij zorgen voor onderwijs op maat, daarin is “De Spiegel” uitermate sterk, zo blijft ieder kind geprikkeld
  • Realistisch onderwijs: we toetsen de leerstof aan de realiteit door uitstappen te maken en ter plaatse te gaan kijken
  • We werken klasdoorbrekend, bv bij zwemonderricht en lezen – kinderen werken op eigen niveau, daarom niet op hetzelfde niveau als de leeftijdsgenootjes
  • Kinderen mogen soms eigen thema's kiezen bij W.O. lessen, zeker de kleuterleidsters hebben hier veel aandacht voor
  • Om de interesse van de leerlingen te stimuleren en te ontwikkelen, bieden we tal van bijzondere activiteiten aan gedurende het schooljaar
    • culturele activiteiten: bezoek aan musea, theater, film, figurentheater of poppenkast, …
    • muzische activiteiten:
      • concert bijwonen, workshops tijdens bezoeken aan musea of op school
      • muzische activiteiten op school tijdens de lessen: schilderen, boetseren, muziek beluisteren, dansen, toneel spelen, …
    • leesbevordering:
      • voorleesweek
      • boekenweek: klasdoorbrekend project
      • niveau-lezen (met leesouders)
      • geleid bezoek aan de bib
      • leesprojectjes in de klas
    • sportieve activiteiten:
      • zwemlessen
      • schaatsbeurten
      • sportdag
      • sportactiviteiten tijdens de middagspeeltijd
      • activiteiten van de SVS, tijdens de lessen én naschools
      • deelname aan wedstrijden en tornooien

5. Getuigen van emotionele, esthetische en morele bewogenheid

  • De leerlingen worden opgevoed tot verdraagzaamheid, eerbied voor anderen en oprecht zijn.
  • De leerlingen helpen mekaar, komen op voor elkaar bij conflicten e.d.
  • Leerlingen leren onder begeleiding eigen conflicten oplossen; krijgen daar tijd voor en worden hierin aangemoedigd
  • Leerlingen krijgen een taak in de klas, wat het verantwoordelijkheidsgevoel bevordert.
  • Leerlingen leren omgaan met leerlingen van andere culturen
  • Duurzaamheid dragen we hoog in het vaandel, zowel bij verkeerseducatie, gezondheidseducatie (eet fruit van bij ons – verstandig met water - …), energieverbruik, afvalpreventie, enz
  • Ruimte om creatief en expressief te zijn (tijdens de lessen muzische vorming, maar ook: optredens, deelnemen aan de kunsttentoonstelling van ons dorp, schooltoneel, … )

6. Oog hebben voor de sociale werkelijkheid en de maatschappelijke ongelijkheden

  • Leerlingen moeten elkaar te respecteren ongeacht welke afkomst.
  • Niet iedereen heeft dezelfde aanleg. Leerlingen leren iedereen te aanvaarden in zijn eigenheid.
  • Rechten van het kind: leerlingen van de derde graad maken hiermee kennis.
  • Mondiale vorming en eerlijke handel komen aan bod in de lessen. Het inzicht dat in de samenleving niet iedereen dezelfde kansen krijgt, is de basis van elke vorm van solidariteit. Onze school leert kinderen en jongeren oog hebben voor de werkelijkheid en de bestaande maatschappelijke ongelijkheden en scherpt hun zin voor rechtvaardigheid aan.
  • Kosteloosheid van ons onderwijs; uiteraard houden wij ons aan de maximumfactuur. Gezinnen die het toch nog moeilijk hebben, kunnen afspraken maken ivm een regeling op maat.

7. De gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen niet enkel als ideaal vooropstellen, maar zich ook inspannen om dit ideaal in de praktijk te verwezenlijken

GO! onderwijs gaat er niet alleen vanuit dat alle mensen gelijkwaardig zijn, maar streeft er ook naar om elke discriminatie in de praktijk uit te sluiten. De gelijke behandeling van mannen en vrouwen, een ideaal dat in onze maatschappij nog steeds niet gerealiseerd is, is in de scholen van het GO! dan ook een feit. Jongens en meisjes krijgen er dezelfde kansen.

  • Geen discriminatie tussen jongens en meisjes. Meisjes maken bv. evengoed deel uit van de voetbalploeg van de klas. Jongens doen uiteraard ook mee met een lesje naaien, enz.
  • Meisjes en jongens krijgen uiteraard evenveel aandacht van de leerkracht;
  • de leerkracht is er zich van bewust om bij het gebruik van voorbeelden en verhalen het klassieke rollenpatroon te doorbreken
  • Bij de overstap naar het secundair onderwijs kan iedereen zich inschrijven voor eender welke opleiding.
  • Bij gescheiden ouders zal de school zich inspannen om beide ouders evenwaardig bij de contacten met de school te betrekken